Een meningioom is een tumor die ontstaat in het hersenvlies. Dit betekent dat een meningioom overal kan voorkomen waar zich hersenvliezen bevinden, dus rond de hersenen en het ruggenmerg. Het meningioom is meestal goedaardig (90%), dat wil zeggen dat de tumor beperkt blijft tot één plek in de hersenen en niet uitzaait. Bij 8% komt een ’atypische’ vorm voor die de neiging heeft om de hersenen in te groeien en om op meerdere plekken in de hersenvliezen terug te komen. In uitzonderlijke gevallen (2%) is er sprake van een echt kwaadaardige vorm. Het meningioom komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen en ontstaat meestal op middelbare leeftijd. Het is een langzaam groeiende tumor, zodat de verschijnselen vaak sluipend ontstaan en de diagnose pas laat gesteld wordt.
Symptomen
Diagnose
Behandeling
De verschijnselen berusten in het algemeen op verhoging van de druk in het hoofd, zoals hoofdpijn, eventueel met misselijkheid en braken. Anderzijds zijn er symptomen die te maken hebben met de plaats van de tumor. Deze verschijnselen kunnen variëren van psychische stoornissen, spraakstoornissen, verlammingsverschijnselen, dubbelzien, tot epileptische aanvallen. Bij een lokalisatie bij de kleine hersenen kan een stoornis optreden van de circulatie van het hersenvocht met optreden van een waterhoofd (hydrocephalus). Wanneer een meningioom in het wervelkanaal groeit, ontstaan verschijnselen van druk op het ruggenmerg: verlammingsverschijnselen en of gevoelsstoornissen onder het niveau van de tumor.
naar boven
Op een CT-scan zonder en met contrasttoediening kan een meningioom in het algemeen goed herkend worden. Een MRI toont meer detail van de tumor, met name bij lokalisatie aan de schedelbasis.
Meningiomen zijn tumoren die rijk voorzien zijn van bloedvaten. Daardoor kunnen meningiomen veel bloedverlies geven bij een operatie. Om het risico op bloedingen te kunnen inschatten, wordt van te voren soms nog een vaatonderzoek (angiografie) verricht.
Bij een angiografie wordt een slangetje in de lies ingebracht. Via het bloedvat in de lies wordt het slangetje opgeschoven tot in de hals. Via het slangetje wordt contrast ingespoten waardoor de bloedvaten onder röntgendoorlichting zichtbaar worden. Het is zelfs mogelijk om via dit slangetje de grote vaten van de tumor zelf te bereiken. Via het slangetje kunnen dan stoffen worden toegediend waardoor de afwijkende tumorvaten kunnen worden afgesloten. Hierdoor vermindert de bloedtoevoer naar de tumor en is de kans op bloedingen tijdens de operatie kleiner.
naar boven
De noodzaak tot behandeling wordt bepaald door de ernst van de klachten, groeisnelheid, lokalisatie en omvang van de tumor, en de leeftijd van de patiënt. In het algemeen kunnen drie verschillende behandeladviezen gegeven worden:
- Zorgvuldig observeren
Een kleine tumor die weinig of geen klachten geeft, hoeft niet meteen behandeld te worden. De patiënt wordt dan regelmatig gecontroleerd met een MRI of CT.
- Neurochirurgie
Een operatie wordt geadviseerd als het meningioom klachten geeft en goed van het normale hersenweefsel af te grenzen is. Na een volledige verwijdering is nabehandeling meestal niet noodzakelijk. Vanwege de kans op het opnieuw aangroeien van het meningioom na operatie zal de patiënt enige tijd onder controle blijven.
- Radiotherapie
Soms kan de tumor niet volledig verwijderd worden. Dit hangt meestal samen met de plaats waar deze zich bevindt. Zo zal het aan de schedelbasis veel moeilijker zijn om de gehele tumor, inclusief de aanhechting te verwijderen. Bij een niet-radicaal verwijderd meningioom is het de vraag of aanvullende bestraling van het tumorgebied zinvol is. Wanneer aan de hand van controleonderzoek (MRI of CT-scan) blijkt dat het meningioom opnieuw groeit, dan wordt in het algemeen radiotherapie geadviseerd, al of niet voorafgegaan door een operatie.
Radiotherapie wordt ook als eerste behandeling gegeven bij patiënten bij wie de tumor niet kan worden geopereerd. Bestraling kan ook noodzakelijk zijn in de zeldzame gevallen waarin sprake is van een kwaadaardig meningioom.