Weefseldiagnose
Hoewel op de MRI scan al met een vrij grote mate van waarschijnlijkheid
een diagnose kan worden gesteld, kan pas volledige zekerheid worden
verkregen wanneer het weefsel onder de microscoop is onderzocht. Een
weefseldiagnose levert uiteindelijk de meest betrouwbare gegevens op over de aard van
een tumor. Daarom zal in het algemeen altijd geprobeerd worden weefsel voor
nader onderzoek te verkrijgen. Het wegnemen van zo'n stukje weefsel uit het
afwijkend gebied kan gebeuren via een biopsie of een grotere operatie
(craniotomie):
- Bij een biopsie wordt alleen een klein stukje weefsel
weggenomen. De neurochirurg maakt hierbij een klein gaatje in de schedel om zo
een klein stukje van de tumor te kunnen verwijderen.
- Bij een grotere operatie wordt er een groter luikje in de schedel gemaakt
(craniotomie), waarna de neurochirurg zal proberen zo veel mogelijk
tumorweefsel op zo veilig mogelijke manier te verwijderen.
Of een biopsie of een grotere operatie wordt verricht,
hangt van vele factoren af. Het heeft onder andere te maken met de plaats van de
afwijking binnen de hersenen. Lees meer hierover bij neurochirurgie
.
Het weefselonderzoek, dat in het laboratorium gebeurt door een
patholoog-anatoom, duurt meestal een aantal werkdagen.