Toekomstige ontwikkelingen
Betere diagnose…
Onderzoek van hersentumorweefsl levert steeds meer inzichten in de weefselkenmerken, de ziekelijke veranderingen in het DNA en de genenetische samenstelling van hersentumoren. Deze kenmerken zeggen niet alleen meer over de vooruitzichten (prognose) van de patiënt, maar ook over de gevoeligheid van de tumor voor behandeling.
lees meer
Betere behandeling…
De huidige behandeling van patiënten met een hersentumor bestaat uit chirurgie, radiotherapie en chemotherapie. In de nabije toekomst zal dat niet anders zijn, maar wel zal de behandeling beter aan de individuele patiënt kunnen worden aangepast dankzij betere informatie over de patiënt en de tumor.
De neurochirurgie wordt nauwkeuriger...
Een belangrijke ontwikkeling is het gebruik van de PET-scan voor betere lokalisatie van de meest agressieve delen van de tumor, die dan nog preciezer door de neurochirurg verwijderd kunnen worden.
Relatief nieuw is het gebruik van functionele MRI en opereren bij bewustzijn (‘awake craniotomy’). Met deze methoden kan de neurochirurg bepalen of hij de patiënt kan opereren zonder schade te berokkenen aan belangrijke hersenfuncties, zoals spraak of beweging.
De radiotherapie wordt beter...
Dankzij betere beelddiagnostiek (CT, MRI) en preciezere bestralingsapparaten is het al mogelijk geworden om een hoge dosis bestraling op de tumor te geven en slechts weinig op de omringende gezonde weefsels. De bijwerkingen van bestraling, zoals achteruitgang van het geheugen en de intelligentie, zijn in de afgelopen jaren verminderd.
Mogelijk kan met een PET-scan beter zichtbaar gemaakt worden waar de meest agressieve delen van de tumor zitten, zodat ter plekke een hogere bestralingsdosis kan worden gegeven.
Een andere ontwikkeling is de combinatie van bestraling met nieuwe geneesmiddelen die het effect van bestraling versterken.
Ook bestraling met protonen hoort tot de nieuwe mogelijkheden.
De chemotherapie wordt slimmer…
In de klassieke chemotherapie wordt gebruik gemaakt van geneesmiddelen die de deling van tumorcellen remt, meestal door schade toe te brengen aan het DNA. De nieuwere generatie anti-kanker geneesmiddelen grijpt aan op de mechanismen die in de kankercel verstoord zijn, zoals op de vorming van afwijkende bloedvaten. Deze ‘slimme’ geneesmiddelen werken niet op zichzelf, maar wel in combinatie met klassieke chemotherapie of met bestraling.
Betere nazorg…
Als meer patiënten langer overleven, wordt het ook steeds belangrijker om iets te doen aan de effecten van de tumor en de behandeling, die de kwaliteit van leven negatief kunnen beïnvloeden. Voorbeelden zijn: verlammingen, achteruitgang van het denkvermogen, concentratieverlies, lagere denksnelheid, hormonale verstoringen, epilepsie. Er is momenteel steeds meer belangstelling van patiënten en hun naasten, verpleegkundigen, dokters en onderzoekers voor de zorg en nazorg van patiënten met een hersentumor.